Het begon niet met een ondernemingsplan, een website of het idee om een loopgroep op te richten. Het begon met een park.
In 2002 werd in Utrecht het Griftpark geopend. Bij zo'n opening hoorden festiviteiten en bij die festiviteiten hoorde ook een trimloop. Het parcours was even eenvoudig als mooi bedacht: drie keer buitenom het park. Eén ronde was ongeveer 1600 meter, zodat na drie rondes 4800 meter op de teller stond.
Alleen moesten er natuurlijk wel mensen zijn die die afstand konden lopen.
Piet Callaars en Jans Mulder werkten destijds bij de Utrechtse dienst Sport & Recreatie. Zij kregen ongeveer veertig mensen uit de omgeving van het Griftpark onder hun hoede. Geen wedstrijdlopers die nog wat seconden van hun persoonlijk record wilden halen, maar buurtbewoners die zich voorbereidden op die ene loop bij de opening van hun park.
Het doel was overzichtelijk: 4800 meter. Daar trainden ze voor. En daarna zou het afgelopen zijn.
Kunnen we niet doorgaan?
De trimloop kwam en ging. De drie rondes werden gelopen, de feestelijkheden gingen voorbij en daarmee had ook het trainingsproject kunnen eindigen.
Maar de lopers hadden een ander idee. Ze wilden doorgaan.
Als 4800 meter was gelukt, waarom dan niet trainen voor 10 kilometer?
Achteraf kun je van zo'n moment gemakkelijk iets groots maken. Alsof daar in het Griftpark iemand heeft gezegd dat dit het begin van LoopMee zou worden. Zo ging het natuurlijk niet. Er was gewoon een groep mensen die plezier had gekregen in het lopen en niet wilde stoppen omdat het evenement waarvoor ze hadden getraind voorbij was.
Dus werd er verder getraind.
De 4800 meter werd 10 kilometer. De tijdelijke groep bleef bestaan. Mensen namen iemand mee, anderen hoorden ervan en sloten zich aan. Wat voor de opening van een park was begonnen, kreeg langzaam een eigen leven.
Er moest zelfs een naam komen.
LoopMee.
Veel ingewikkelder hoefde het niet te zijn.
Het probleem van succes
Veertig lopers kun je nog aardig overzien. Bij honderd wordt het een ander verhaal. En toen het er uiteindelijk ongeveer 250 waren, was van dat kleine tijdelijke project weinig meer over.
Er kwamen meer trainers. Uiteindelijk bestond de trainersstaf uit acht mensen. Er werd twee avonden per week getraind en ook op zaterdag. Niet iedereen had dezelfde ambitie. De een wilde voor het eerst zonder problemen 10 kilometer kunnen lopen, een ander ontdekte dat wedstrijden eigenlijk best leuk waren en weer een ander bleek aanleg te hebben voor meer.
Dat was misschien wel een van de aardige dingen van LoopMee. Het hoefde niet allemaal hetzelfde te worden.
De trainingen waren in die jaren gebaseerd op een eigen variant van de Methode Verheul. Die aanpak paste bij wat we met zo'n grote en uiteenlopende groep wilden bereiken: mensen beter leren lopen zonder van iedere training een uitputtingsslag te maken.
Wie meer wilde en richting wedstrijdatletiek groeide, probeerden we niet koste wat kost bij LoopMee te houden. Integendeel. Lopers werden doorgestuurd naar Utrechtse atletiekverenigingen als Hellas, Hermes en Phoenix, waar zij zich verder konden ontwikkelen.
Dat leidde op een gegeven moment tot een tamelijk merkwaardige situatie.
Verenigingen vroegen ons of we misschien wat minder mensen hun kant op konden sturen. Niet omdat die lopers niet welkom waren, maar omdat er onvoldoende kader was om alle nieuwe leden goed op te vangen.
Voor een loopgroep die ooit was begonnen om veertig buurtbewoners drie rondjes om een park te laten lopen, was dat een bijzonder soort probleem.
De lopers bleven komen
LoopMee groeide ondertussen verder dan de oorspronkelijke groep. Er kwamen samenwerkingen met bedrijven en organisaties. Soms ging het om mensen die gezamenlijk naar een evenement wilden trainen, soms om het opzetten van een nieuwe loopgroep en soms om het opleiden of begeleiden van trainers.
IBM wilde met een groep naar de Dam tot Damloop. Zorgverzekeraar Agis werkte aan Agis in Beweging. Er waren contacten en projecten met Run2Day Utrecht en met atletiekverenigingen. Bij Atverni in Culemborg hielp LoopMee met een groep die voor nieuwe aanwas moest zorgen en met het opleiden van een trainer.
Ook buiten het hardlopen werd een beroep op de trainers gedaan. Jans en Mohammed verzorgden looptrainingen voor onder meer voetbalverenigingen en een korfbalvereniging. Zelfs een tennisspeler meldde zich voor individuele looptraining.
Het was allemaal ontstaan uit hetzelfde eenvoudige uitgangspunt: iemand wil beter kunnen lopen, dus laten we kijken hoe we daarbij kunnen helpen.
LoopMee verhuisde mee
Toen Jans en Joyce Utrecht verlieten, veranderde LoopMee opnieuw.
Piet Callaars bleef in Utrecht nog lange tijd actief, maar voor Jans en Joyce verschoof het zwaartepunt naar Zuid-Limburg. Je zou kunnen denken dat daarmee een Utrechtse loopgroep ophield te bestaan.
Het tegenovergestelde gebeurde.
LoopMee ging gewoon mee.
Vanuit hun hardloopwinkel aan de Achter de Barakken in Maastricht ontstonden opnieuw groepen. Soms stonden er tientallen lopers tegelijk. Er kwam een bedrijfsgroep bij Vodafone Maastricht, er werden trainingen verzorgd bij Sportschool Pierre Zenden en via JustGoo.nl werden opnieuw lopers begeleid.
Later, vanuit Grijzegrubben bij Nuth, werd het Limburgse landschap zelf het trainingsgebied. In en rond het gehucht Nierhoven kwamen looptrainingen en nordicwalkingcursussen.
De omgeving was veranderd. Het idee niet.
En toen Frankrijk volgde, gebeurde het opnieuw. En later in Duitsland weer.
Ergens werd kennelijk een doos uitgepakt, kwamen de loopschoenen tevoorschijn en duurde het niet lang voordat er mensen samen aan het lopen waren.
En toen werd het stil
Toch kun je niet eindeloos groepen blijven beginnen.
Werk veranderde, woonplaatsen veranderden en het leven veranderde mee. De grote LoopMee-groepen verdwenen uiteindelijk. De naam bleef bestaan, net als de herinneringen aan trainingen, wedstrijden, lopers en trainers.
En misschien vooral aan al die mensen die ooit kwamen omdat ze een bepaalde afstand wilden leren lopen en vervolgens ontdekten dat ze veel meer konden dan ze vooraf hadden gedacht.
Bijna vijfentwintig jaar na die eerste trainingen in Utrecht krijgt LoopMee opnieuw een andere vorm.
Niet meer met 250 lopers die op verschillende avonden bij een training verschijnen. Geen acht trainers die groepen over verschillende niveaus verdelen. Dit keer lopen de verhalen verder.
Over Herman Verheul en zijn trainingsideeën. Over de mensen die ermee werkten. Over de Souplessemethode die later uit dezelfde traditie voortkwam. Over wat trainers tegenwoordig anders doen en wat wetenschappelijk onderzoek ons inmiddels kan vertellen.
En ook over LoopMee zelf, wanneer daar iets te vertellen valt.
Want zonder dat ene stukje eigen geschiedenis zou deze website waarschijnlijk niet bestaan.
Het aardige is dat niemand dat in 2002 kon weten.
Toen stonden er gewoon ongeveer veertig mensen in het Griftpark die uiteindelijk maar één opdracht hadden: drie rondjes. 4800 meter.
En daarna zouden we wel verder zien.

Dit artikel is gebaseerd op mijn herinneringen aan het ontstaan en de ontwikkeling van LoopMee. Waar mogelijk heb ik namen, plaatsen en gebeurtenissen gecontroleerd aan de hand van bewaard gebleven bronnen. Het verhaal is geschreven vanuit mijn persoonlijke herinnering en pretendeert geen volledige geschiedschrijving van LoopMee te zijn.
